doctor’s orders

“Wat heb ik gehoord?”
“Ja, het is waar, ‘k ga vier vijfden werken hé.”
“Welken dag gade pakken?”
“Ik denk de maandag. Eventueel de woensdag als het geweigerd wordt op maandag”

Ik kijk verveeld op mijn uurwerk. De controle-arts ligt een kwartier achter op zijn schema, maar het verheugt me te horen dat het ambtenaar zijn hem ook in de genen zit.
De dame naast me polst even bij mij naar het tijdstip van mijn afspraak. Net zoals ik is ze, ambtenaar zijnde, bijzonder gehaast om weer aan het werk te gaan.

Ik zit op mijn vrije voormiddag te bladeren in de lectuur van de wachtzaal van het Geneeskundig Centrum.
Een raar aanbod van lectuur, dat is het op zijn minst. Er wordt gecaterd naar eenieders noden.
Er zijn 2 boekjes. Een Story met een artikel over de nakende dood van Marie-Rose Morel en de catalogus van 3 Suisses.

Blijkbaar vallen ambtenaren te klasseren in 2 categorieën: diegenen die uitkijken naar de dood en de koopverslaafden.
Terwijl ik me afvraag in welke categorie ik nu het best zou passen, wordt de dame naast me ter controle opgevorderd. Mijn aandacht dwaalt af naar het telefoongesprek dat zich achter de muur afspeelt.

“Ja, mevrouw, maar als u verhuist, dan wordt u geacht dat aan ons te melden.”
– stilte
“Natuurlijk, maar u zal nu wel het attest op uw oude adres ontvangen. Dat zit immers zo in ons systeem.”
– stilte
“Ik kan natuurlijk eens proberen om het meteen te veranderen. Blijft u even aan de lijn.”
– stilte
“Kan u even uw nieuwe adres doorgeven?”
– stilte
” Degeyterijstraat?”
– stilte
“Is dat in 2 of 1 woorden?”
– stilte
“Ik bedoel: is het Degeyterijstraat of De Geyterijstraat ? U zegt dat u in de Geyterijstraat woont. Is dat dan de Degeyterijstraat of de Geyterijstraat?
– langere stilte
“Kan u dat even spellen?”
– stilte
“Okee dus G, E, Y… Y of IJ?”
– stilte
“Kan u even herhalen? Was dat Y of IJ?”
– de collega van de dame achter de muur begint te schaterlachen
“Het is niet dat ik doof ben hoor, mevrouw * gniffelt* … het is alleen zeer verwarrend voor me.”
– de collega rolt nu blijkbaar over de grond van het lachen.
“Niet erg, mevrouw. Ik heb het goed genoteerd. Geen dank.”
– hangt op
“Zeg, gij treze!”
– schaterlach in stereo en dan opent de deur zich.

“Meneer Toomawashi? U mag me volgen.”
Ben ik blij dat ik niet in de Geyterijstraat woon.

Advertenties

Geplaatst op 19/04/2011, in ningen (mensen), tetsugakuteki (filosofisch). Markeer de permalink als favoriet. 5 reacties.

  1. ambtenaren vallen te klasseren in twee categoriën. Wahahaha! Ik val voorlopig in de koopzieke categorie. Als ik dood wil, wordt er weinig gekocht. Dat heeft dan ook weinig nut eigenlijk.
    (geweldig stukje, je liet mij schaterlachen nà 1 h ’s nachts)

  2. ah. Ik ben nooit goed geweest met woorden met e en ën, zo blijkt maar weer eens. Het wordt tijd dat ze spelling nog eens veranderen.

  3. ik ben enorm koopziek maar de 3 Suisses brengt uitkomst: daar staat nu niks in dat ik zou willen 🙂

  4. Ook geen schoon model? :p

  5. @Wildcard: eeeuhmmm, misschien … of een massagestaaf LOL

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: